Ga door naar hoofdcontent
misc/arrow-dots-black Informatiemisc/arrow-dots-blackCoeliakie en dermatitis herpetiformis

Coeliakie en dermatitis herpetiformis

Medische diagnose

Coeliakie en dermatitis herpetiformis (DH, synoniem: ziekte van Dühring). De diagnose kan op verschillende leeftijden worden gesteld.

Een glutenvrij dieet is de enige behandeling voor coeliakie. Bij dermatitis herpetiformis reageert zowel de huid- als de darmafwijking goed op een glutenvrij dieet, waardoor de medicatie soms verminderd of gestopt kan worden. 

Vaststellen persoonlijke voedingszorgbehoefte

Vaststellen diagnoseDe diagnose coeliakie wordt gesteld door: serologie: IgA-antilichamen tegen endomysium (EMA) en transglutaminase type 2 (tTG2A). Bij IgA
deficiëntie IgG-TG2A, IgG-EMA of IgG-DGPA. Indien verhoogd is biopsie altijd noodzakelijk.

HLA-typering: bij coeliakie HLA DQ2.2 of HLA DQ2.5 of HLA DQ8 positief.

Histologie: Marsh classificatie IIIA-C. Marsh II duidt meestal op coeliakie, zeker als de serologie positief is. Bepaling van histologie is bij volwassenen noodzakelijk om de diagnose te stellen. Bij mensen die zonder serologie of biopsie met het glutenvrij dieet zijn begonnen of bij twijfel door een biopsie uitslag van Marsh I, kan de diagnose coeliakie eventueel alsnog na een glutenbelasting en biopsie worden gesteld. De diagnose dermatitis herpetiformis wordt gesteld door: huidbiopsie: bij aanwezigheid IgA deposities in de dermale papiltoppen dan verwijzing MDL arts voor darmbiopsie)
Klachtenchronische diarree, obstipatie, buikpijn, gewichtsverlies, chronische vermoeidheid, migraine, anemie, osteoporose, (lactose) malabsorptie, hypoplasie tandglazuur, menstruatiestoornissen, aften, perifere neuropathie, ataxie, epilepsie. Klachten specifiek bij DH: sterk jeukende blaasjes, bultjes en blaren
ComplicatiesBij het stellen van de diagnose coeliakie op latere leeftijd (>50 jaar) dient men extra aandacht te geven aan controle op maligniteiten (T-cellymfoom). Er bestaat een grote kans op osteoporose naast de hierboven reeds genoemde klachten. In zeldzame gevallen reageert coeliakie niet op een glutenvrij dieet en ontstaat refractaire coeliakie.
ComorbiditeitDermatitis Herpetiformis, diabetes mellitus type I (4,4-11,1%), geïsoleerde IgA-deficiëntie, ijzergebreksanemie, auto-immuun hepatitis, artritis, syndroom van Sjögren, auto-immuun thyreoïditis, Hashimoto, microscopische colitis, idiopathische pulmonale hemosiderose en alopecia areata. Down syndroom, syndroom van Turner, syndroom van Williams
Laboratoriumgegevensserologie: Totaal IgA, IgA tTG2A, IgA EMA. Bij follow-up: Jaarlijks Hb, Ht, foliumzuur, vitamine B12, calcium, alkalische fosfatase, ijzerstatus, tTG2A;
EMA indien faciliteiten voor tTG2A ontbreken. Eén maal per 2 jaar TSH. HLA typering: bij coeliakie HLA DQ2.2 of HLA DQ2.5 of HLA DQ8
Histologievolgens Marshclassificatie. Herstel van de darmvlokken kan tot 5 jaar duren, afhankelijk van leeftijd en voorgaande ziekteperiode. In sommige gevallen zal herstel niet optreden (refractaire coeliakie)
Botdichtheidsmeting(DEXA scan) bij diagnose coeliakie op volwassen leeftijd en daarna elke 5-10 jaar
GewichtsverloopIs er sprake van ongewenste gewichtstoename of ongewenst gewichtsverlies (> 5% in 1 maand of 10% in 6 maanden) of ondergewicht. Streven naar gezonde BMI waarde (18,5 – 25 kg/m2)
MedicatieDapson bij Dermatitis Herpetiformis
Vitaminen- en mineralensuppletieaandacht voor vitaminen- en mineralen net na diagnosestelling. Calciumsuppletie van 1000 mg per dag is nodig als de orale inname onvoldoende is, malabsorptie aanwezig is en/of lage serumwaarden worden gevonden (osteopenie of osteoporose). Medicijnen en vitaminen- en mineralenpreparaten kunnen tarwezetmeel (gluten) bevatten, bijsluiter/ingrediëntendeclaratie dient geraadpleegd te worden.

Bepaal zorgprofiel

Bronnen

  • Bastiani WF. Coeliakie/Dermatitis herpetiformis. Dieetbehandelingsrichtlijnen 2010 Uitgevers; 2014.
  • Corazza, GR, et al. Bones in coeliac disease: diagnosis and treatment. Best Practice & Research Clinical Gastroenterology 2005; (19) 453-65.
  • Husby S, et al. ESPGHAN Working Group on Coeliac Disease Diagnosis; ESPGHAN Gastroenterology Committee; European Society for Pediatric Gastroenterology, Hepatology, and Nutrition J Pediatr Gastroenterol Nutr. 2012; (54):136-60.
  • Nederlandse Vereniging van Maag-Darm-Leverartsen. Richtlijn Coeliakie en Dermatitis Herpetiformis. Haarlem:2008.
  • Thawani SP, et al. Risk of neuropathy among 28232 patients with biopsy verified celiac disease. JAMA Neurol. May 11, 2015. doi:10.1001/jamaneurol.2015.0475.
  • Wierdsma NJ, et al. Vitamin and mineral Deficiencies Are Highly Prevalent in newly Diagnosed Celiac Disease Patients. Nutrients 2013, (5), 3975-92; doi:10.3390/nu5103975
  • Wolters VM, et al. Is gluten challenge really necessary for diagnosis of coeliac disease in children younger than 2 years? J Pediatr gastroenterol Nutr 2009; 566-70.
  • Nederlandse Coeliakie Vereniging. Leven met Coeliakie.

Laatste update: juni 2018 door netwerk door DINC (Diëtisten Info Netwerk Coeliakie).

Artsenwijzer