Rechter wijst NZa-tarieven huisartsen af: dit betekent het voor diëtisten
Woensdag 26 november 2025
De rechter heeft een uitspraak gedaan over de berekening van de tarieven voor huisartsen door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en geoordeeld dat deze niet adequaat is. Dat is ook relevant voor de diëtetiek, omdat er op dit moment een NZA kostenonderzoek diëtetiek loopt.
Hoe had de NZa de tarieven berekend?
- Voor de tarieven van huisartsenzorg per 2025 heeft de NZa een kostprijsonderzoek uitgevoerd over boekjaar 2022;
- Op basis van dat onderzoek kwam de NZa tot de conclusie dat de opbrengsten in huisartspraktijken in 2022 ruim boven de kosten lagen;
- Daarom stelt de NZa voor dat de tarieven voor basis huisartsenzorg in 2025 gemiddeld 2,6 % dalen, maar door indexering komen ze uiteindelijk uit op een stijging van ca. 1,9 % t.o.v. 2024;
- Tegelijkertijd verhoogt de NZa de zogeheten “normatieve arbeidskostencomponent (NAC)” voor praktijkhoudende huisartsen in 2025 met 11,9% tot ongeveer € 202.476 (voor full-time praktijkhouder).
Wat was de kritiek?
- Volgens de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) en andere vertegenwoordiger-organisaties (o.a. VPHuisartsen) houdt de berekening van de NZa geen rekening met de huidige realiteit: hogere huisvestingskosten, grotere praktijken, extra taken en langere werkdagen dan de NZa noemt;
- Er is kritiek dat de NZa uitgaat van een werkweek van 36 uur voor een fulltime huisarts, terwijl in de praktijk vaak veel meer uren gewerkt wordt;
- De Nederlandse huisartsen zien de aangekondigde tariefdaling als “schoffering” van het vakgebied.
NVD vraagt aandacht
Als NVD vragen we, ook bij de NZA, continu aandacht voor de explosie aan kosten voor de diëtistenpraktijken in de eerste lijn: nieuwe landelijke en regionale samenwerkingsstructuren: aandoeningsnetwerken, verwijstools, kwaliteitsregistraties en investeringen in digitalisering, praktijkkosten.
Deze kosten zijn grotendeels voortgekomen uit het Integraal Zorgakkoord (IZA) en de Nisie op de eerstelijnszorg. Het beleid vraagt immers om intensieve samenwerking, dataverzameling, investeren in digitale zorg en verantwoording — maar in de praktijk blijven de middelen achter.
Extra belastend voor de diëtistenpraktijken is dat ze niet alleen moeten samenwerken binnen de eerste lijn, maar ook met de tweede en derde lijn en met het sociaal domein.
Dit is echt uniek voor de diëtetiek. Dat moet dan ook veel aandacht krijgen in de wijze waarop de NZA de tarieven berekent en hiervoor hebben we al een aantal keer aandacht gevraagd bij de NZA.
Johan Bruijnen, voorzitter Commissie Eerste Lijn NVD: We zien dat het beleid voorloopt op de praktijk zonder dat de financiële kaders op tijd meegroeien. We zijn belangrijk in de regio, maar dan moeten we ook wel gesteund worden door een adequaat tarief. We hopen dat de resultaten van het marktonderzoek aanleiding zijn om daarover het gesprek aan te gaan met de zorgverzekeraars.
De uitspraak kun je hier vinden: