Ga door naar hoofdcontent
misc/arrow-dots-black Nieuwsmisc/arrow-dots-blackOndervoeding onderschat bij kanker: één op de vijf patiënten overlijdt eraan

Ondervoeding onderschat bij kanker: één op de vijf patiënten overlijdt eraan

Vrijdag 19 december 2025Afbeelding Ondervoeding onderschat bij kanker: één op de vijf patiënten overlijdt eraan

Ondervoeding heeft een veel grotere invloed op de overleving van kankerpatiënten dan vaak wordt gedacht. Uit onderzoek van het Universitair Ziekenhuis Brussel blijkt dat één op de vijf oncologische patiënten niet overlijdt aan kanker zelf, maar aan de gevolgen van ondervoeding. Elisabeth De Waele, hoofd klinische voeding bij UZ Brussel lichtte het onderzoek toe bij de Vlaamse Radio- en Televisieomroeporganisatie VRT.

Voor het onderzoek analyseerden wetenschappers 10.000 patiëntendossiers. Daaruit kwam naar voren dat 40 procent van de patiënten bij het stellen van de diagnose al ondervoed is of een verhoogd risico daarop heeft. Ondanks die hoge prevalentie krijgt slechts 16 procent van deze patiënten daadwerkelijk een voedingsplan. Volgens De Waele is dat een gemiste kans, omdat ondervoeding de effectiviteit van de kankerbehandeling ernstig kan ondermijnen.

Herstelvermogen

Ondervoeding leidt onder meer tot spierafbraak, een verzwakt immuunsysteem en een slechter herstelvermogen. Daardoor slaan behandelingen minder goed aan en liggen patiënten vaak langer in het ziekenhuis. “Iets wat een goed gevoede patiënt kan overleven, kan voor iemand met ondervoeding fataal zijn,” stelt De Waele in het VRT-radioprogramma Nieuwe Feiten.

Verhongeren onder onze ogen

De bevindingen sluiten aan bij internationaal onderzoek en bij recente nationale cijfers uit 2024. Ook na weken of zelfs maanden behandeling krijgt een groot deel van de patiënten minder dan de helft van de benodigde voedingsinname binnen. De Waele spreekt in dat verband van “verhongeren onder onze ogen”.

Volgens haar ligt een belangrijk deel van de oplossing in betere samenwerking tussen artsen en diëtisten. In de praktijk blijkt die samenwerking echter lastig door een tekort aan diëtisten en beperkte financiering. In grote Belgische oncologische centra zijn soms slechts vier diëtisten beschikbaar voor een volledige afdeling, wat onvoldoende is om alle patiënten adequaat te begeleiden. Bovendien wordt diëtistische zorg in België niet structureel vergoed, wat voor patiënten een extra drempel vormt.

Een structurele aanpak van voedingszorg is niet alleen medisch noodzakelijk, maar ook economisch zinvol. Zo blijkt uit Belgisch en Nederlands onderzoek dat elke euro die wordt geïnvesteerd in een goed voedingsbeleid ruim twee euro oplevert, onder meer door kortere ziekenhuisopnames en minder medicatiegebruik. De Waele pleit daarom voor een doordacht en geïntegreerd voedingsbeleid binnen de oncologische zorg.