Aandacht gaat uit naar Richtlijnen goede voeding en eerste duizend dagen
Woensdag 17 september 2025
De Gezondheidsraad heeft traditiegetrouw op Prinsjesdag zijn nieuwe Werkprogramma (2026) gepresenteerd. Daarin staan de adviestrajecten die de raad het komende jaar oppakt. Binnen het domein Voeding springen twee onderwerpen in het oog: de actualisatie van de Richtlijnen goede voeding en een advies over gezonde voeding in de eerste duizend dagen van het leven.
De huidige Richtlijnen goede voeding dateren uit 2015 en worden herzien op basis van de laatste wetenschappelijke inzichten. Doel is om adviezen te formuleren die bijdragen aan de preventie van chronische ziekten, zoals hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en kanker. Tegelijkertijd weegt de Gezondheidsraad nadrukkelijk de milieu-impact van voedsel mee, vanuit de overtuiging dat duurzaamheid en gezondheid onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.
Richlijnen in deeladviezen
Een eerste deeladvies over de richtlijnen verwacht de raad nog dit jaar te publiceren. “Daarin adviseert de commissie over voedingsbronnen van eiwit, zoals vlees, vis, eieren, zuivel, noten, peulvruchten en plantaardige alternatieven voor vlees, vis en zuivel”, vermeldt het Werkprogramma. “Ook adviseert de commissie over de voedingsnormen voor koolhydraten, vetten en vetzuren.”
Vanaf 2026 volgt de aandacht voor drie productgroepen:
- Granen: als belangrijke bron van plantaardig eiwit en voedingsvezels.
- Groente, fruit en sappen: met een kritische blik op vruchtensappen, die veel suiker bevatten en momenteel onder de richtlijn voor suikerhoudende dranken vallen.
- Laagcalorische zoetstoffen: onderwerp van groeiend wetenschappelijk debat, waarbij de raad kijkt naar nieuwe onderzoeken die zijn afgekomen, naar gezondheidseffecten én milieuaspecten.
Eerste duizend dagen: fundament voor gezondheid
Behalve op de algemene Richtlijnen goede voeding, richt de raad zich in 2026 op een nieuw advies over gezonde voeding in de eerste duizend dagen van het leven, een periode die steeds meer wordt gezien als doorslaggevend voor de gezondheid op latere leeftijd. De raad richt zich op vragen zoals:
- Bijvoeding: wat is het optimale moment om naast borst- of kunstvoeding te starten met vast voedsel, met oog voor nutriëntenvoorziening en het voorkomen van allergieën? “Hierbij spelen verschillende zaken een rol, zoals dat de kinderen alle benodigde voedingsstoffen binnenkrijgen, dat voedselallergieën worden vermeden en dat kinderen aanleren om gezond te eten”, aldus het programma.
- Plantaardige voeding voor jonge kinderen: wat betekent de verschuiving naar meer plantaardig eten voor de allerkleinsten? “Voor de algemene bevolking vanaf 2 jaar wordt geadviseerd meer plantaardige en minder dierlijke producten te eten. De commissie gaat nu specifiek in op wat dit betekent voor kinderen tot 2 jaar”, aldus het programma.
- Voeding tijdens borstvoeding: welke extra voedingsstoffen hebben moeders nodig en waar liggen risico’s van schadelijke stoffen voor moeder en kind? “Net als tijdens de zwangerschap hebben vrouwen die borstvoeding geven meer voedingsstoffen nodig, en kijkt de commissie of er aandachtspunten zijn met betrekking tot schadelijke stoffen, zowel voor de moeder zelf als voor haar kind(eren)”, aldus het programma.
Alcoholconsumptie
Een ander belangrijk adviesonderwerp in 2026 is alcoholconsumptie en gezondheid. Eerdere adviezen van de Gezondheidsraad beperkten zich vaak tot specifieke doelgroepen – zoals jongeren of zwangere vrouwen – of waren onderdeel van de Richtlijnen goede voeding. Dit keer kiest de raad voor een bredere invalshoek, waarin niet alleen de lichamelijke gevolgen van alcoholgebruik worden belicht, maar ook de sociale en maatschappelijke impact, zoals risico op ongevallen, geweld of beperkingen in psychosociaal functioneren. Daarmee kan het advies leiden tot een actualisatie van de alcoholrichtlijn uit 2015 en mogelijk een herziening van de plaats van alcohol in het bredere gezondheidsbeleid.
Een breed perspectief
Het werkprogramma laat zien dat voeding steeds breder wordt benaderd: niet alleen als middel om ziekte te voorkomen, maar ook als factor die samenhangt met milieu, duurzaamheid en maatschappelijke gezondheid. Daarmee sluit de Gezondheidsraad aan bij actuele thema’s als de eiwittransitie, het terugdringen van suikerconsumptie en de vraag hoe nieuwe technologieën de volksgezondheid beïnvloeden.








