Ga door naar hoofdcontent
misc/arrow-dots-black Nieuwsmisc/arrow-dots-black“Gelijkwaardige zorg begint met luisteren, begrijpen en aansluiten bij iemands leefwereld”
Maria Sahakian: tweede bij Diëtist van het Jaar 2026

“Gelijkwaardige zorg begint met luisteren, begrijpen en aansluiten bij iemands leefwereld”

Woensdag 30 september 2026Afbeelding “Gelijkwaardige zorg begint met luisteren, begrijpen en aansluiten bij iemands leefwereld”

Met een indrukwekkende tweede plaats in de verkiezing Diëtist van het Jaar onderscheidde Maria Sahakian zich door haar maatschappelijke betrokkenheid, culturele sensitiviteit en inzet voor toegankelijke zorg. Vanuit haar praktijk zet zij zich dagelijks in voor cliënten die door taalbarrières, beperkte gezondheidsvaardigheden of complexe omstandigheden moeilijk hun weg vinden naar passende voedingszorg. In dit interview vertelt zij over haar drijfveren, haar visie op inclusieve zorg en haar droom voor de toekomst van het vak.

Wat betekende het voor jou om tot de top van deze verkiezing te behoren?

Het voelde als een bijzondere erkenning voor het werk dat ik in mijn praktijk doe. Ik ben tweede geworden met 135 van de 140 punten, twee punten achter de winnaar. Natuurlijk vond ik het jammer dat ik zo dicht bij de eerste plaats zat. Tegelijkertijd ben ik ontzettend trots. Deze waardering geeft mij de mogelijkheid om meer aandacht te vragen voor mijn belangrijkste drijfveer: gelijkwaardige zorg voor iedereen. Ik hoop dat deze erkenning ook anderen inspireert om meer aandacht te besteden aan cultuur, taal en de persoonlijke omstandigheden van cliënten.

Waar was je het meest trots op toen je hoorde waarom de jury jou had genomineerd?

Dat de jury mijn maatschappelijke betrokkenheid, culturele sensitiviteit en betrokkenheid bij cliënten benoemde. Dat zijn precies de waarden die mijn werk richting geven. Ik wil dat mensen goede begeleiding krijgen en zich serieus genomen voelen, ook wanneer taal of andere omstandigheden de toegang tot zorg bemoeilijken. Het raakte me dat de jury de waarde van die inzet zag. Daarmee krijgt een onderwerp dat mij zo na aan het hart ligt ook binnen ons vak meer zichtbaarheid.

De jury noemt jouw culturele sensitiviteit als belangrijke kwaliteit. Wat betekent dat begrip voor jou in de dagelijkse praktijk?

Voor mij betekent het dat ik nieuwsgierig ben naar de persoon tegenover mij. Welke rol spelen eten, familie, religie en tradities in iemands leven? Wat vindt iemand belangrijk en wat is thuis haalbaar? Daarbij probeer ik mijn eigen aannames te herkennen. Mensen met dezelfde culturele achtergrond kunnen heel verschillende wensen en gewoonten hebben. Daarom vraag ik door. Vanuit dat begrip zoeken we samen naar voedingsadviezen die passen bij de gezondheid én het dagelijks leven van de cliënt. En uiteraard stel ik mezelf altijd de vraag: begrijpt de cliënt mij, is de boodschap die ik wil overbrengen duidelijk genoeg en heb ik er alles aan gedaan om die zo goed mogelijk over te brengen en haalbaar te maken?

Hoe zorg je ervoor dat cliënten zich gehoord en begrepen voelen, ongeacht hun achtergrond?

Ik begin met ruimte geven aan hun verhaal. Wat brengt iemand bij mij, waar loopt diegene tegenaan en welke verandering zou voor hem of haar betekenisvol zijn? Ik lach altijd en maak vaak grapjes, wat mensen gelijk op hun gemak stelt en open maakt voor mijn advies. Ik denk samen met de cliënt in oplossingen. Ik vind begrijpelijke uitleg belangrijk en wil weten of mijn boodschap goed overkomt. Binnen Noer kunnen we cliënten in meerdere talen begeleiden. Dat helpt om vragen te stellen en zorgen te bespreken. Uiteindelijk draait het om vertrouwen: iemand moet zich vrij voelen om ook te vertellen dat iets moeilijk is of niet lukt.

Kun je een voorbeeld geven van een situatie waarin cultuur een belangrijke rol speelde in de voedingsbegeleiding?

Een concreet voorbeeld is religieus vasten. Ik denk samen met cliënten mee over de vraag of vasten past bij hun gezondheidssituatie en hoe dit eventueel op een verantwoorde manier kan. Daarbij neem ik hun religieuze wensen serieus en kijken we samen naar mogelijkheden en grenzen, waarbij hun gezondheid vooropstaat.

Culturele sensitiviteit zit ook in kleine, dagelijkse handelingen. Denk aan je schoenen uittrekken bij een huisbezoek wanneer dat binnen het gezin gebruikelijk is. Rekening houden met zulke gewoonten laat zien dat je respect hebt voor iemands leefomgeving en helpt om vertrouwen op te bouwen.

Culturele sensitiviteit zit ook in kleine, dagelijkse handelingen. Denk aan je schoenen uittrekken bij een huisbezoek wanneer dat binnen het gezin gebruikelijk is.

Daarnaast is het belangrijk om vertrouwd te zijn met opvattingen over voeding binnen verschillende culturen. Olijfolie wordt bijvoorbeeld vaak als heel gezond gezien en daardoor soms royaal gebruikt. Dan bespreek ik dat ook een product met gezonde eigenschappen veel calorieën kan leveren en bij ruim gebruik kan bijdragen aan een te hoge energie-inname. We zoeken vervolgens naar een passende hoeveelheid binnen de vertrouwde eetgewoonten.

Er zijn nog veel meer voorbeelden. De kern is voor mij steeds: begrijpen wat belangrijk is voor de cliënt en van daaruit samen werken aan passende, verantwoorde keuzes.

Welke maatschappelijke uitdagingen raken jou het meest als diëtist?

De verschillen in mogelijkheden om gezond te leven en passende zorg te krijgen. Een advies kan veel vragen van iemand die weinig geld heeft, de taal onvoldoende begrijpt, laaggeletterd is en/of dagelijks veel stress ervaart. Het raakt mij wanneer zulke omstandigheden onvoldoende worden meegenomen en iemand vervolgens als ongemotiveerd wordt gezien. Ik wil dat we beter onderzoeken wat mensen nodig hebben om een volgende stap te kunnen zetten. Begrijpelijke informatie, toegankelijke begeleiding en aandacht voor de thuissituatie zijn daarin voor mij essentieel.

Waarom vind je het belangrijk om verder te kijken dan alleen de voedingsvraag van een cliënt?

Omdat eten onderdeel is van iemands hele leven. De ruimte om iets te veranderen hangt ook samen met geld, werk, slaap, stress, familie en gewoonten. Wanneer ik die omstandigheden niet begrijp, kan ik een advies geven dat op papier goed klinkt, maar thuis nauwelijks uitvoerbaar is. Daarom wil ik weten wat er speelt en wat op dat moment mogelijk is. Soms begint goede voedingsbegeleiding met het kleiner maken van een stap of met samenwerking met een andere professional.

Welke groepen verdienen volgens jou meer aandacht binnen de diëtetiek?

Mensen die moeilijk aansluiting vinden bij het bestaande zorgaanbod. Ik denk aan mensen met taalbarrières, beperkte gezondheidsvaardigheden, weinig financiële ruimte en mensen die hun weg in het Nederlandse zorgsysteem nog moeten vinden. Ook vrouwen die veel verantwoordelijkheid dragen voor hun gezin verdienen aandacht voor hun eigen gezondheid. Binnen Noer begeleiden we onder meer vluchtelingen en asielzoekers die nog onbekend zijn met de werkwijze in Nederland en meer uitleg en ondersteuning nodig hebben. Voor mij is steeds de vraag: wie bereiken we nog onvoldoende, en wat moeten wij aanpassen om die persoon beter te helpen?

Wat heb je van je cliënten geleerd dat je nooit meer bent vergeten?

Dat ik goed moet blijven luisteren naar wat iemand zelf als grootste probleem ervaart. Bij onze zelf ontwikkelde leefstijlinterventie ‘Samen Fit en Gezond’ vroegen deelnemers bijvoorbeeld ook hoe zij beter konden ontspannen. Die behoefte verdient net zoveel aandacht als de voedingsvragen waarmee je een bijeenkomst voorbereidt. Het herinnert mij eraan om ruimte te laten voor wat mensen zelf inbrengen. Zij kennen hun dagelijks leven het beste; mijn deskundigheid wordt pas bruikbaar wanneer we die verbinden met hun ervaringen.

Waar haal jij de energie vandaan om je zo sterk voor anderen in te zetten?

Mijn vak is mijn passie. Ik haal energie uit het contact met mensen en het samen zoeken naar mogelijkheden. Het motiveert mij wanneer iemand meer vertrouwen krijgt in zichzelf en stappen zet die passen bij zijn of haar leven.

Mijn eigen verleden speelt daarin een belangrijke rol. Op mijn veertiende kwam ik naar Nederland, met niets en zonder een netwerk van mensen die ons wegwijs konden maken. We moesten veel zelf uitzoeken. Daardoor weet ik hoe moeilijk het kan zijn om je weg te vinden in een onbekende omgeving, terwijl je juist behoefte hebt aan uitleg en ondersteuning. Die ervaring neem ik mee in mijn werk. Wanneer ik mensen ontmoet die tegen vergelijkbare drempels aanlopen, voel ik een persoonlijke verantwoordelijkheid om hen waar mogelijk te begeleiden.

Ook de samenwerking met mijn collega’s geeft mij energie. Iedereen brengt eigen ervaringen en kwaliteiten mee, waardoor we van elkaar leren en onze cliënten beter kunnen helpen. Dat onze inzet ook iets kan betekenen voor hun gezin en omgeving, maakt dit werk voor mij bijzonder waardevol.

Welke persoonlijke ervaringen hebben jouw visie op gezondheid beïnvloed?

Gezondheid speelde al vanaf mijn jeugd een belangrijke rol in mijn leven. Ik ben opgegroeid in een familie met meerdere artsen. Zelf koos ik voor voeding en diëtetiek, omdat voeding zo verweven is met het dagelijks leven. Sinds ik in 2009 diëtist werd, heeft het contact met cliënten mijn blik verder gevormd. Hun verschillende verhalen onderstrepen voor mij hoe belangrijk het is om een behandeling af te stemmen op iemands wensen, behoeften, achtergrond, cultuur, taal en natuurlijk mogelijkheden.

Welke verandering zou je graag in de zorg of samenleving zien?

Ik wil dat cultuursensitief werken een vast onderdeel wordt van alle zorggerelateerde opleidingen, inclusief geneeskunde. Iedere toekomstige zorgprofessional zou moeten leren omgaan met taalbarrières, eigen aannames herkennen en aansluiten bij verschillende leefwerelden. Daarnaast moet er in de dagelijkse zorg voldoende ruimte zijn om dat ook te doen. Gelijkwaardige zorg vraagt om tijd, begrijpelijke communicatie en aandacht voor wat iemand nodig heeft. Ik zou graag zien dat deze voorwaarden vanzelfsprekender worden.

Wat is jouw droom voor het vak van diëtist?

Mijn droom is dat iedereen die voedingszorg nodig heeft een diëtist of zorgverlener kan vinden bij wie die zich begrepen voelt. Dat ons vak zichtbaar is als een combinatie van kennis over voeding, gezondheid en gedrag, met oprechte aandacht voor mensen. Ik hoop op een sterke verbinding tussen behandeling, preventie en de wijk, zodat we mensen eerder kunnen bereiken. En ik droom ervan dat culturele sensitiviteit zo vanzelfsprekend wordt in ons handelen dat iedere cliënt die aandacht kan verwachten.

Welke boodschap wil je meegeven aan collega’s die inclusiever willen werken?

Begin met luisteren en durf te vragen wat je nog niet weet. Je hoeft niet iedere cultuur volledig te kennen om een goed gesprek te voeren. Vraag wat voor deze persoon belangrijk is, welke gewoonten die wil behouden en waar die tegenaan loopt. Kijk ook naar je eigen manier van communiceren: is je uitleg begrijpelijk en krijgt iemand voldoende ruimte om vragen te stellen? Inclusiever werken vraagt om nieuwsgierigheid en de bereidheid om je aanpak aan te passen. Investeer meer tijd in kennis over andere keukens en culturen, de taal en religie. Want pas dan kom je overtuigend over en zijn mensen bereid om naar je te luisteren en je adviezen te volgen.

Als de jury over tien jaar opnieuw op jouw bijdrage aan het vak zou terugkijken, wat hoop je dan dat mensen zich van jou herinneren?

Ik hoop dat mensen zich herinneren dat ik mij heb ingezet voor gelijkwaardige zorg en dat ik anderen daarin heb meegenomen. Dat cliënten zich bij mij gezien en gerespecteerd voelden, en dat collega’s en studenten iets aan mijn ervaringen hebben gehad. Het zou veel voor mij betekenen als cultuursensitief werken over tien jaar steviger verankerd is in opleidingen en in de dagelijkse zorg. Dan hoop ik dat mijn bijdrage heeft geholpen om de afstand tussen mensen en de zorg kleiner te maken.

Afbeelding voor Hans Kraak

Hans Kraak