Paramedische sector nu aan zet
Zaterdag 4 oktober 2025
Op vrijdag 3 oktober kwam de paramedische sector bijeen in Nieuwspoort voor het symposium “Taakherschikking in de zorg”. Zij maken zich ernstig zorgen over de structurele achterstelling van paramedische beroepsgroepen bij landelijke overleggen en beleidsontwikkeling in de zorg. Onder leiding van dagvoorzitter Renske Leijten bespraken zij de enorme impact die de sector kan maken bij substitutie en preventie van zorg.
Taakherschikking vastgelopen
Al jaren wordt door politiek en beleid gesproken over taakherschikking- en verplaatsing als middel om de druk op de zorg te verlichten en patiënten sneller en beter te helpen. Toch blijft adequate uitvoering uit. Voor patiënten betekent dit dat zij nu onvoldoende gebruik kunnen maken van de expertise van paramedische professionals die in veel gevallen passende, tijdige en laagdrempelige zorg bijvoorbeeld in de eerste lijn kunnen bieden.
Zorgbeleid mist paramedische stem
Ondanks hun bewezen waarde voor patiënten en het zorgstelsel, krijgen de paramedische beroepen nog altijd onvoldoende een plek aan tafel in overlegstructuren zoals het AZWA of het Hoofdlijnenakkoord Ouderen. Daardoor wordt essentiële kennis en ervaring van paramedici te weinig meegenomen bij beslissingen over taakherschikking, opleiding en wetgeving. Zo blijft ook een belangrijke kans liggen om de uitdagingen in de zorg goed aan te pakken.
Inspirerende praktijkvoorbeelden
Tijdens het symposium deelden verschillende vertegenwoordigers uit de sector concrete voorbeelden van hun meerwaarde.
Bianca Rootsaert, directeur van de NVD, liet zien hoe diëtetiek bijdraagt aan betere zorg bij onder meer obesitas, MDL-aandoeningen en ondervoeding. Zij pleitte voor meer uren diëtetiek in de basiszorg, omdat deze zich aantoonbaar terugverdienen. Ook overhandigde zij de aanwezige Kamerleden de Agenda Ondervoeding NL.
Daarnaast wees ze erop dat de paramedische sector een van de grootste is in de zorg, maar dat paramedici in de eerste lijn – grotendeels vrouwen – nog steeds geen cao hebben.
Ook Monique van Bekkum (Nederlandse Vereniging van Huidtherapeuten) en Annemarie Hagemeijer (Optometristen Vereniging Nederland) lieten met sterke voorbeelden zien hoe paramedici effectieve zorg leveren, kwaliteit van leven verbeteren en kosten besparen.
Wel benadrukten zij dat dit alleen lukt als de bekostiging van paramedische zorg wordt aangepast.
Steun uit politiek en wetenschap
Sprekers Jacqueline van den Hil (VVD, en zelf paramedicus van huis uit) en Marcel Canoy (hoogleraar zorgeconomie) spraken hun steun uit voor de paramedische sector. Volgens hen speelt juist deze beroepsgroep een sleutelrol in preventie en in het versterken van positieve gezondheid.
Aanwezige kandidaat-Kamerleden Joëlle Gooijer (ChristenUnie), Nupur Kohli (VVD), Jochem Vrugt (BBB) en Lisa Vliegenthart (PvdA/GroenLinks) gaven aan de verhalen en oproepen van de sector mee te nemen na de verkiezingen.
Advies Gezondheidsraad vraagt om actie
Het ministerie van VWS heeft eerder benadrukt dat de Wet BIG en de inrichting van zorgberoepen aangepast moeten worden om de kwaliteit en toegankelijkheid van zorg toekomstbestendig te maken. Toch sluit het recente advies van de Gezondheidsraad hier niet goed bij aan. Dat advies bevestigt juist wat paramedici al langer aangeven: zonder erkenning en structurele inbreng in beleidsvorming blijven kansen voor samenwerking en efficiëntere zorg onbenut.
Oproep aan politiek en beleid
De paramedische beroepen riepen de overheid en het zorgveld op om:
- Structureel plaats te bieden aan paramedische beroepsgroepen in alle landelijke overlegstructuren zoals AZWA;
- Taakherschikking actief te implementeren, zodat patiënten sneller en effectiever geholpen kunnen worden;
- De wet- en regelgeving rond de Wet BIG te moderniseren en paramedici een stevigere positie te geven.
Slotwoord
Bianca Rootsaert sloot het symposium af met een krachtige boodschap:
De paramedische sector is de hulpmotor van de zorg. We moeten de handen ineenslaan om de sector op de kaart te zetten. Wat mij betreft zijn we daar vandaag mee begonnen.”